zaterdag, juni 30, 2007
vrijdag, juni 29, 2007
Niveau
Scienceguide rapporteert:
Doemdenken over Nederlands onderwijs misvatting
Het recente CPB-rapport over het niveau van het Nederlandse onderwijs leidde tot broodje aapverhalen als zou Nederland een tweede rangsnatie zijn met slecht hoger onderwijs. Eric Beerkens geeft vanuit Australi-e een tegengeluid: het niveau van het Nederlandse hoger onderwijs is goed, nu is het van belang de lopende initiatieven voor excellentie verder te ontwikkelen.
Adriaan Hofman van de RuG presenteerde recent nog een pleidooi voor meer evidence based discussies in het onderwijs. In dit licht moet het onderzoek Excellence and Productivity verwelkomd worden door belanghebbenden en belangstellenden in het Nederlandse onderwijs. Terwijl vaak maar aangenomen wordt dat excellentie bijdraagt aan economische groei en dat in Nederland het niet-boven-het-maaiveld syndroom de ontwikkeling van talent in de weg staat, is het goed dat deze assumpties kritisch onder de loep worden genomen door het CPB. Kort samengevat laat het onderzoek zien dat top skills belangrijk zijn voor productiviteit en dat Nederland gemiddeld gezien zeer goed scoort op skills maar dat het toplaagje het relatief slecht doet. Met andere woorden: we hebben relatief slimme domme leerlingen en relatief domme slimme leerlingen. Daarover later meer; eerst even de media aandacht.
Ten eerste werd mij al snel duidelijk dat ook evidence niet altijd tot de juiste discussies leidt. In de media leek het of het hoger onderwijs hier ter discussie stond. Een paar voorbeelden. De Volkskrant: Niet het vmbo is het probleem van het Nederlandse onderwijs, maar de universiteiten en hogescholen; Nederlands Dagblad: Op de universiteiten in Nederland is middelmatigheid troef; en dan Elsevier: Als het hoger onderwijs geen ruimte schept voor toptalent, dan wordt Nederland een tweederangs natie. Nou nou...
Wat is echter het geval? Een deel van het rapport kijkt naar het slimme toplaagje van Nederland door te kijken naar PISA (Programme for International Student Assessment), naar TIMSS (Third International Mathematics and Science Study) en naar de IALS (International Adult Literacy Survey). In de samenvatting wordt met name verwezen naar de PISA resultaten van 2003. Nu wordt de IALS test afgenomen onder 14-65 jarigen maar de PISA en de TIMSS tests onder respectievelijk 15 en 13 jarigen. Het CPB is hier duidelijk over, maar verschillende media lijken het ontbreken van een brilljant toplaagje onder de 15 jarigen volledig in de schoenen te willen schuiven van het hoger onderwijs. Voordat deze 15 jarige ook maar een stap heeft gezet in een universiteit of hogeschool.
Een tweede methodologisch puntje is dat men enigzins voorzichtig moet zijn met evidence. Het onderzoek over de relatie tussen de top skills en hun economische bijdrage zit nog vol met onzekerheden, mede omdat deze skills moeilijk te meten zijn, maar zeker ook omdat een groot aantal factoren deze relatie kan beinvloeden. Het CPB is daar wederom duidelijk in, zie met name de voorzichtigheid waarmee uitspraken worden gedaan over deze relatie in hoofdstuk twee van het rapport.
Maar dan de betekenis van de uitkomsten. Uiteraard vragen de resultaten van het rapport allereerst om veranderingen in het lager en middelbaar onderwijs. Wat deze veranderingen ook mogen zijn, het feit dat Nederland gemiddeld aan de top staat (en niet middelmatig is!) moet beschouwd worden als een groot goed. Zolang het Nederlandse toplaagje nog niet de mogelijkheid krijgt om te excelleren in deze fase, ligt er des te meer druk op het hoger onderwijs om dit talent alsnog naar boven te halen. Niet zozeer (of in elk geval niet alleen)omdat dit misschien kan bijdragen aan de economische groei van Nederland, maar omdat elke leerling of student het recht heeft op onderwijs dat het hem of haar mogelijk maakt zich maximaal te ontplooien. In hoeverre gebeurt dit? En hoe kan dat verbeterd worden?
De gemengde resultaten van de selectie aan de poort laten zien dat een laagje elitair onderwijs niet van de ene op de andere dag kan worden gecreëerd. Overigens ben ik niet direct een voorstander van selectie aan de bachelorpoort, mede vanwege de problematiek rondom selectiecriteria. En er wordt immers al geselecteerd door het Nederlandse middelbaar onderwijs. Maar er bestaan in het Nederlandse HO wel degelijk initiatieven om talent beter te benutten. Er wordt al rijk ge-experimenteerd met zogenaamde Honours trajecten, en tevens zijn er enkele elite colleges (UCU, Roosevelt) redelijk succesvol gebleken en zijn er gelijksoortige initiatieven op komst. Ondanks (de mythe van) het gelijkheidsdenken, wordt het langzaam maar zeker meer geoorloofd (en gewaardeerd) om je hoofd boven het maaiveld uit te steken. Dit mag je best even de tijd geven. Ik verwacht met name dat de honourstrajecten hier een waardevol instrument kunnen zijn. Zij die iets extra willen doen, moeten de mogelijkheid krijgen en gestimuleerd worden, maar moeten daar dan later ook voor beloond worden. En laat de verschillende universiteiten maar experimenteren met verschillende Honours modellen.
Het instellen van de BaMa structuur is natuurlijk wel de gelegenheid om selectie in te voeren voor het Masters traject. Maar ook hier zal dat niet direct leiden tot Hermans’ topmasters. Gezien het diepgewortelde gelijkheidsdenken – wat het Nederlandse HO ver heeft gebracht – zal het een tijd duren voordat topmasters boven het maaiveld uitkomen. Het label top cre-eer je niet, dat moet je verdienen! Wat hierbij vaak vergeten wordt is dat er ook een motivatie moet zijn om zich voor zo’n topmaster in te schrijven (en er extra voor te betalen). Leveren ze echt topkwaliteit? Heb je meer kansen op de arbeidsmarkt? Zullen bedrijven en overheidsorganisaties een hoger startsalaris betalen? Of heeft de arbeidsmarkt eigenlijk geen idee over de diversiteit in Masters? Toenemende ranking van programma-s en instellingen en het toenemende belang van (internationale) accreditatie zal dit process van differentiatie waarschijnlijk versnellen, met name in de meer professionele masters. Maar waar het op neer komt is dat talent niet alleen ontwikkeld moet worden, maar ook erkend en gewaardeerd; door bedrijven en overheidsorganisaties, maar ook door universiteiten als toekomstige werkgevers!
Tenslotte betekent dit alles natuurlijk ook dat docenten meer oog moeten hebben voor de mogelijkheden van hun studenten, ook hun slimme studenten. Er dient meer waarde te worden gehecht aan het onderwijs zelf en aan de onderwijsaspecten in de training van docenten (ofwel in het promotietraject). Daarnaast moet men natuurlijk vooral denken aan het vermijden van grote collegezalen en teveel administratieve lasten voor docenten. Een recent voorstel van Plasterk zou hier een belangrijke bijdrage aan kunnen leveren, nl. de Akademie-assistent. Behalve voor onderzoek zouden deze ook ingezet kunnen worden voor het onderwijs, min of meer volgens het Amerikaanse teaching-assistent model.
Middelmatigheid is dus niet troef in het Nederlandse HO! Het CPB rapport biedt voldoende evidence om lopende initiatieven verder te ontwikkelen en creatief na te denken over additionele maatregelen. Universiteiten en hogescholen lijken tot nu toe best in staat om dit zelf te doen. Maar laten we daarbij vooral niet vergeten dat – ondanks al het doemdenken – het Nederlandse (hoger) onderwijs gemiddeld gezien op een zeer hoog niveau staat.
Eric Beerkens is postdoctoral research fellow aan de University of Sydney. Hij houdt een blog bij over het hoger onderwijs wereldwijd.
Doemdenken over Nederlands onderwijs misvatting
Het recente CPB-rapport over het niveau van het Nederlandse onderwijs leidde tot broodje aapverhalen als zou Nederland een tweede rangsnatie zijn met slecht hoger onderwijs. Eric Beerkens geeft vanuit Australi-e een tegengeluid: het niveau van het Nederlandse hoger onderwijs is goed, nu is het van belang de lopende initiatieven voor excellentie verder te ontwikkelen.
Adriaan Hofman van de RuG presenteerde recent nog een pleidooi voor meer evidence based discussies in het onderwijs. In dit licht moet het onderzoek Excellence and Productivity verwelkomd worden door belanghebbenden en belangstellenden in het Nederlandse onderwijs. Terwijl vaak maar aangenomen wordt dat excellentie bijdraagt aan economische groei en dat in Nederland het niet-boven-het-maaiveld syndroom de ontwikkeling van talent in de weg staat, is het goed dat deze assumpties kritisch onder de loep worden genomen door het CPB. Kort samengevat laat het onderzoek zien dat top skills belangrijk zijn voor productiviteit en dat Nederland gemiddeld gezien zeer goed scoort op skills maar dat het toplaagje het relatief slecht doet. Met andere woorden: we hebben relatief slimme domme leerlingen en relatief domme slimme leerlingen. Daarover later meer; eerst even de media aandacht.
Ten eerste werd mij al snel duidelijk dat ook evidence niet altijd tot de juiste discussies leidt. In de media leek het of het hoger onderwijs hier ter discussie stond. Een paar voorbeelden. De Volkskrant: Niet het vmbo is het probleem van het Nederlandse onderwijs, maar de universiteiten en hogescholen; Nederlands Dagblad: Op de universiteiten in Nederland is middelmatigheid troef; en dan Elsevier: Als het hoger onderwijs geen ruimte schept voor toptalent, dan wordt Nederland een tweederangs natie. Nou nou...
Wat is echter het geval? Een deel van het rapport kijkt naar het slimme toplaagje van Nederland door te kijken naar PISA (Programme for International Student Assessment), naar TIMSS (Third International Mathematics and Science Study) en naar de IALS (International Adult Literacy Survey). In de samenvatting wordt met name verwezen naar de PISA resultaten van 2003. Nu wordt de IALS test afgenomen onder 14-65 jarigen maar de PISA en de TIMSS tests onder respectievelijk 15 en 13 jarigen. Het CPB is hier duidelijk over, maar verschillende media lijken het ontbreken van een brilljant toplaagje onder de 15 jarigen volledig in de schoenen te willen schuiven van het hoger onderwijs. Voordat deze 15 jarige ook maar een stap heeft gezet in een universiteit of hogeschool.
Een tweede methodologisch puntje is dat men enigzins voorzichtig moet zijn met evidence. Het onderzoek over de relatie tussen de top skills en hun economische bijdrage zit nog vol met onzekerheden, mede omdat deze skills moeilijk te meten zijn, maar zeker ook omdat een groot aantal factoren deze relatie kan beinvloeden. Het CPB is daar wederom duidelijk in, zie met name de voorzichtigheid waarmee uitspraken worden gedaan over deze relatie in hoofdstuk twee van het rapport.
Maar dan de betekenis van de uitkomsten. Uiteraard vragen de resultaten van het rapport allereerst om veranderingen in het lager en middelbaar onderwijs. Wat deze veranderingen ook mogen zijn, het feit dat Nederland gemiddeld aan de top staat (en niet middelmatig is!) moet beschouwd worden als een groot goed. Zolang het Nederlandse toplaagje nog niet de mogelijkheid krijgt om te excelleren in deze fase, ligt er des te meer druk op het hoger onderwijs om dit talent alsnog naar boven te halen. Niet zozeer (of in elk geval niet alleen)omdat dit misschien kan bijdragen aan de economische groei van Nederland, maar omdat elke leerling of student het recht heeft op onderwijs dat het hem of haar mogelijk maakt zich maximaal te ontplooien. In hoeverre gebeurt dit? En hoe kan dat verbeterd worden?
De gemengde resultaten van de selectie aan de poort laten zien dat een laagje elitair onderwijs niet van de ene op de andere dag kan worden gecreëerd. Overigens ben ik niet direct een voorstander van selectie aan de bachelorpoort, mede vanwege de problematiek rondom selectiecriteria. En er wordt immers al geselecteerd door het Nederlandse middelbaar onderwijs. Maar er bestaan in het Nederlandse HO wel degelijk initiatieven om talent beter te benutten. Er wordt al rijk ge-experimenteerd met zogenaamde Honours trajecten, en tevens zijn er enkele elite colleges (UCU, Roosevelt) redelijk succesvol gebleken en zijn er gelijksoortige initiatieven op komst. Ondanks (de mythe van) het gelijkheidsdenken, wordt het langzaam maar zeker meer geoorloofd (en gewaardeerd) om je hoofd boven het maaiveld uit te steken. Dit mag je best even de tijd geven. Ik verwacht met name dat de honourstrajecten hier een waardevol instrument kunnen zijn. Zij die iets extra willen doen, moeten de mogelijkheid krijgen en gestimuleerd worden, maar moeten daar dan later ook voor beloond worden. En laat de verschillende universiteiten maar experimenteren met verschillende Honours modellen.
Het instellen van de BaMa structuur is natuurlijk wel de gelegenheid om selectie in te voeren voor het Masters traject. Maar ook hier zal dat niet direct leiden tot Hermans’ topmasters. Gezien het diepgewortelde gelijkheidsdenken – wat het Nederlandse HO ver heeft gebracht – zal het een tijd duren voordat topmasters boven het maaiveld uitkomen. Het label top cre-eer je niet, dat moet je verdienen! Wat hierbij vaak vergeten wordt is dat er ook een motivatie moet zijn om zich voor zo’n topmaster in te schrijven (en er extra voor te betalen). Leveren ze echt topkwaliteit? Heb je meer kansen op de arbeidsmarkt? Zullen bedrijven en overheidsorganisaties een hoger startsalaris betalen? Of heeft de arbeidsmarkt eigenlijk geen idee over de diversiteit in Masters? Toenemende ranking van programma-s en instellingen en het toenemende belang van (internationale) accreditatie zal dit process van differentiatie waarschijnlijk versnellen, met name in de meer professionele masters. Maar waar het op neer komt is dat talent niet alleen ontwikkeld moet worden, maar ook erkend en gewaardeerd; door bedrijven en overheidsorganisaties, maar ook door universiteiten als toekomstige werkgevers!
Tenslotte betekent dit alles natuurlijk ook dat docenten meer oog moeten hebben voor de mogelijkheden van hun studenten, ook hun slimme studenten. Er dient meer waarde te worden gehecht aan het onderwijs zelf en aan de onderwijsaspecten in de training van docenten (ofwel in het promotietraject). Daarnaast moet men natuurlijk vooral denken aan het vermijden van grote collegezalen en teveel administratieve lasten voor docenten. Een recent voorstel van Plasterk zou hier een belangrijke bijdrage aan kunnen leveren, nl. de Akademie-assistent. Behalve voor onderzoek zouden deze ook ingezet kunnen worden voor het onderwijs, min of meer volgens het Amerikaanse teaching-assistent model.
Middelmatigheid is dus niet troef in het Nederlandse HO! Het CPB rapport biedt voldoende evidence om lopende initiatieven verder te ontwikkelen en creatief na te denken over additionele maatregelen. Universiteiten en hogescholen lijken tot nu toe best in staat om dit zelf te doen. Maar laten we daarbij vooral niet vergeten dat – ondanks al het doemdenken – het Nederlandse (hoger) onderwijs gemiddeld gezien op een zeer hoog niveau staat.
Eric Beerkens is postdoctoral research fellow aan de University of Sydney. Hij houdt een blog bij over het hoger onderwijs wereldwijd.
donderdag, juni 28, 2007
woensdag, juni 27, 2007
maandag, juni 25, 2007
Ziekteverzuim onder de 4%!


Regelmatig bespreken we binnen de organisatie en met ArboNed de verzuimpercentages. Sinds twee jaren heeft dit onderwerp sterk onze aandacht. We willen graag dat onze collega's zich goed voelen op het werk en plezier in hun werk hebben en oz weinig mogelijk geld uitgeven aan verzuim maar dit liever besteden aan preventie en structureel werk.
Vandaag hebben we de meest recente cijfers besproken en we komen nu cumulatief voor het eerst uit op 3,9% verzuim voor 2007, waarbij de maanden april en mei een verzuim van 3,2% en re 2,9% lieten zien.
Een belangrijk signaal dat de integrale aanpak een succes is. Iedereen die hier aan meewerkt bedankt voor zijn of haar inzet.
Op naar een nog gezondere CHN!
zaterdag, juni 23, 2007
vrijdag, juni 22, 2007
Meetings in China
Last weekend Theo Hooghiemstra and I visited our partner in China to discuss the latest developments concerning our campussite in Chengdu, China.

(drinking tea, a special and cultural event)

(dinner with our partner, dean Marco van der Ende and representatives of the Chinese Government, department of Education)

(Theo and I in front of the new campussite)
(drinking tea, a special and cultural event)

(dinner with our partner, dean Marco van der Ende and representatives of the Chinese Government, department of Education)

(Theo and I in front of the new campussite)
donderdag, juni 21, 2007
De oplossing voor de kwelling van de Onderwijs Vraag Faktor?!?!?!?
Toevallig vandaag uitgebreid met de Hogeschool Raad over gesproken en komt het CDA met de oplossing. Of toch niet.
Het fenomeen Onderwijs Vraag Faktor blijkt ook voor het CDA een lastig onderwerp te zijn. "Langstudeerders" kunnen door een Hogeschool niet geweigerd worden en vervolgens worden ze nu al op de bekostiging gecorrigeerd!

de arme student.nl
Het fenomeen Onderwijs Vraag Faktor blijkt ook voor het CDA een lastig onderwerp te zijn. "Langstudeerders" kunnen door een Hogeschool niet geweigerd worden en vervolgens worden ze nu al op de bekostiging gecorrigeerd!

de arme student.nl
woensdag, juni 20, 2007
Gastcollege over tourisme in Fryslan door de Commissaris van de Koningin; Ed Nijpels


Vandaag heeft de CdK van Fryslan voor de eerstejaars studenten van de opleiding Tourism Management een gastcollege gegeven over de ontwikkelingen van de provincie Fryslan op het gebied van Tourism.
Wat wij natuurlijk al wisten is door de heer Nijpels nog eens bevestigd. Tourisme is de economische pijler van de provincie. De opleiding aan de CHN sluit dus naadloos aan op de ontwikkelingen van de regio.
Ed bedankt voor je medewerking!
Kwart moet van pabo af om rekentoets

Telegraaf - AMSTERDAM - Een kwart van alle eerstejaarsstudenten aan de pabo moet van school af omdat ze te slecht zijn in rekenen. Dat liet de HBO-raad woensdag weten. De studenten aan de lerarenopleiding moesten dit schooljaar voor het eerst een verplichte rekentoets afleggen.
Aan het begin van het schooljaar zakte bijna de helft van de studenten voor de test. Na twee herkansingen, heeft een flink percentage van die studenten de toets nog altijd niet gehaald. Zij moeten hun opleiding hierdoor afbreken. "Er moet nog een groep studenten een rekentoets afleggen zodat we nog geen definitieve cijfers hebben. Maar we gaan ervan uit dat uiteindelijk ongeveer een op de vier studenten de toets niet haalt", aldus de voorzitter van de HBO-raad Doekle Terpstra.
Terpstra stelt een "ambivalent gevoel" te hebben bij de cijfers. "Aan de ene kant is het dramatisch dat er zo veel studenten moeten afhaken omdat ze niet goed genoeg kunnen rekenen. Maar aan de andere kant toont deze test aan dat we wel hebben geïnvesteerd in de kwaliteit van het onderwijs omdat deze mensen voorheen wel gewoon de studie konden afmaken en voor de klas kwamen te staan. Wij zijn ook niet bereid concessies op het gebied van die kwaliteit te doen."
De HBO-raad wil komend najaar ook bij andere opleidingen peilen hoe het staat met de reken- en taalvaardigheden van de nieuwe studenten. Terpstra: "We willen 11.000 tot 12.000 studenten testen op het gebied van taal en rekenen." De test is bedoeld om een beeld van de problematiek te krijgen. "We hebben de indruk dat deze problemen zich niet alleen manifesteren bij de pabo. Er moet veel reparatiewerk worden verricht", aldus Terpstra.
Volgens de voorzitter van de HBO-raad tonen de resultaten van de rekentoetsen aan dat de aansluiting van het voortgezet onderwijs op het hoger beroepsonderwijs niet op orde is.
Terpstra zegt zich tevens zorgen te maken over de afname van het aantal studenten dat zich aanmeldt bij de lerarenopleidingen. "Dit aantal loopt elk jaar verder terug. Vorig jaar waren er rond deze tijd nog 6.300 voorinschrijvingen terwijl dat er op dit moment 5.700 zijn."
De HBO-raad is voorstander van bijspijkercursussen aan leerlingen in het voorbereidend hoger onderwijs en aan de hogescholen. Voor wie de stap naar het hoger onderwijs in een keer te groot is, denkt de onderwijskoepel aan een voorbereidend jaar voor de studie. De overheid zou dat voorbereidende jaar moeten financieren.
Een fusie met NHL?
Opeens is er de druk om met de NHL te fuseren. Ik respecteer en waardeer de CdK Ed Nijpels zeer en dat geld meestal ook voor zijn meningen.
Van een fusie met de NHL kan echter op dit moment geen sprake zijn. Wij hebben net bekend gemaakt dat we een bestuurlijk akkoord hebben om te fuseren met de Hogeschool Drenthe. Het lijkt mij verstandig deze eerst maar eens af te ronden en tot een succes te maken. Daarna zien we wel weer.

Omrop Fryslan
Van een fusie met de NHL kan echter op dit moment geen sprake zijn. Wij hebben net bekend gemaakt dat we een bestuurlijk akkoord hebben om te fuseren met de Hogeschool Drenthe. Het lijkt mij verstandig deze eerst maar eens af te ronden en tot een succes te maken. Daarna zien we wel weer.

Omrop Fryslan
MEDEWERKERSKOFFIE.

Regelmatig nodigen we als College van Bestuur docenten en medewerkers van een opleiding of afdeling uit. Dit keer waren medewerkers van ESO Operations op de koffie. Pieteke Kingma, Jannie de Jong, Henk v.d. Meulen en Martin Pillen van deze afdeling konden aanwezig zijn en hebben ons bijgepraat over onder andere de roostering, de groepsindeling, de ontwikkeling van ESO en de samenwerking met de opleidingen. (Overigens wilden de dames echt niet op de foto!) Ons is weer eens duidelijk geworden hoe belangrijk het werk van onze afdeling ESO Operations is voor de Operational Excellence! We hebben op dit gebied grote vorderingen gemaakt: chapeau collega's! En succes met de plannen voor verdere verbeteringen. ISO: BELOON DOORSTROOM!
Het ISO constateert dat er nog veel barri-eres in de doorstroom van de HBO-bachelor naar de WO-master zijn. Het ISO (Interstedelijk Studenten Overleg) vindt dat de overheid de doorstroom van studenten maximaal moet stimuleren. Zo vindt het ISO net als de onderwijsinspectie dat studenten studiefinanciering zouden moeten krijgen wanneer ze een schakelprogramma volgen. Voorzitter Sebastiaan den Bak: 'Het is belachelijk dat HBO-studenten met wetenschappelijke ambities geen aanspraak kunnen maken op studiefinanciering'.De VSNU (Vereniging van Universiteiten) meldde vandaag dat het aantal masterstudenten groeiende is. Echter, het ISO krijgt veel klachten van studenten die van een schakelprogramma afzien omdat ze meer collegegeld moeten betalen en geen studiefinanciering krijgen. In het onlangs verschenen rapport van de Onderwijsinspectie "BaMa stroomt door" doet de inspectie de aanbeveling om studenten die een schakelprogramma volgen studiefinanciering te geven en de instelling daarvoor te bekostigen. Minister Plasterk meldde in een reactie op dit rapport dat hij hier niets in ziet. Terwijl het kabinet een sterke kenniseconomie voor ogen heeft, houdt de minister de deur dicht voor doorstromers. 'Een onwenselijke situatie waar snel verandering in moet komen', aldus Den Bak.
Het ISO (Interstedelijk Studenten Overleg) is de grootste landelijke studentenorganisatie en behartigt de belangen van studenten uit het hoger onderwijs. Bij het ISO zijn 28 lidorganisaties en 6 convenantpartners aangesloten, die samen 380.000 studenten vertegenwoordigen. Het ISO is vaste gesprekspartner van onder andere het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de politieke partijen en de koepels van universiteiten en hogescholen.
DIALOOG OVER STUDENTENVERENIGINGEN



Met de besturen van de studentenverenigingen Sempiternus en Io Vivat heeft collega Klaas Wybo van der Hoek gepraat over hun ledenaantallen en de uitdagingen om nieuwe bestuursleden te werven. Deze verenigingen, natuurlijk ook Wolweze die niet aanwezig kon zijn, verdienen meer leden en de nodige bestuursleden. De verenigingen vervullen een belangrijke functie in het studentenleven. Succes Lisanne en Laura, Peter en Michiel, en het Wolweze bestuur met jullie besturen en verenigingen!
dinsdag, juni 19, 2007
GRADUATION DAY FINE EASTERN RESTAURANTS (FER)-CHN PROGRAMME
Today, about 30 hospitality management students of our Indonesian partner university Petra Christian University (Soerabaya) who took part in the CHN-FER programme in the past 9 months, received their graduation certificates.The CHN-FER programme offers Indonesian students to combine a 9 month managerial internship in a FER-member restaurant, with following theoretical aspects of their study at CHN Leeuwarden. A great way to study, obtaining practical managerial skills and having a true intercultural experience!
This year the graduation ceremony took place at FER-member restaurant The Oriental Swan in Soesterberg. In presence of H.E. Junus Effendi Habibie, Ambassador of the Republic of Indonesia to the Kingdom of the Netherlands. the certificates were handed out to the students, several speeches were conducted and students performed all kind of Indonesian sing- and dance acts.
Many thanks to all who put so much effort in the organization of our joint programme this year!



vrijdag, juni 15, 2007
CHN maakt Duitse studenten en hun ouders wegwijs in Leeuwarden


Leeuwarden, 15 juni 2007.
CHN maakt Duitse studenten en hun ouders wegwijs in Leeuwarden
- Speciaal arrangement voor groeimarkt Duitsland -
De twee jaar geleden gestarte campagne om de opleidingen van de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) onder de aandacht te brengen bij de oosterburen werpt haar vruchten af. Groeide in 2006 de instroom in september al sterk met een totaal van 225 eerstejaars, in september worden er zelfs ruim driehonderd nieuwkomers uit Duitsland verwacht.
De toenemende populariteit geldt voor alle opleidingen van de CHN zoals International Hospitality Management, Leisure and Tourism Management, Media & Entertainment Management, International Business Management Studies, maar ook Nederlandstalige opleidingen zoals Sociaal Pedagogische Hulpverlening, Creatieve Therapie en de Opleiding tot leraar basisonderwijs. Volgens Henny Atsma, manager Internationale Marketing Europa, is de groep Duitsers van alle buitenlandse studenten inmiddels de grootste. Daarna volgt China. Aan de sterk internationaal georienteerde hogeschool studeren 7100 studenten met ruim vijftig nationaliteiten. De CHN heeft buiten Nederland vestigingen in Zuid-Afrika, Thailand, Qatar en binnenkort China. Tijdens hun opleiding kunnen de studenten een deel van hun studie in het buitenland volgen.
Atsma meent dat het internationale karakter, de goede naam van de CHN en het aanbod heeft een sterke aantrekkingskracht op potentiele Duitse studenten. Daarnaast blijken de Duitse jongeren de taal en gewoonten in de levendige studiestad Leeuwarden makkelijk op te pikken. Er is een speciale cursus Nederlands ontwikkeld om de studenten snel in te laten stromen en te integreren. Tevens is er een Duitstalige website met informatie over de CHN en haar opleidingen (www.chn-university.de). Het twee jaar geleden opgerichte D-team dat voorlichting geeft en evenementen organiseert, blijkt ook een voltreffer, aldus Atsma. "Er zijn vijftig Duitse studenten actief bezig met de werving en promotie van de hogeschool in hun vaderland. Betere ambassadeurs kun je echt niet krijgen."
Voor de geInteresseerde Duitse studenten en hun aanhang organiseert de CHN in het weekeinde van 13 en 14 juli een originele kennismaking met het onderwijs, de school en de stad Leeuwarden. De ouders van de studenten zijn uitdrukkelijk uitgenodigd voor deelname aan dit weekendje 'Leeuwarden voor beginners'. Op vrijdag 13 juli maken de deelnemers kennis met de in 2004 volledig gemoderniseerde school en de uiteenlopende leerbedrijven. Met enkele restaurants zijn afspraken gemaakt over een dinerarrangement. De Duitse gasten overnachten in het leerbedrijf Hotel Wyswert of enkele andere aan de bijzondere actie deelnemende hotels in Leeuwarden. Op zaterdagochtend 14 juli maakt theatergroep Acta tijdens een cabareteske wandeling de deelnemers deelgenoot van de historie en de zeden en de gebruiken in de Friese hoofdstad.
Het veelzijdige weekendarrangement dat door de studenten van het Deutschland-team is samengesteld, kost slechts 61 euro per persoon per nacht. "We denken dat het voor de Duitsers heel prettig is naast voorlichting over het onderwijssysteem en het opleidingsaanbod ook kennis te maken met Leeuwarden als stad. Het is toch de plek waar ze straks vier jaar of zelfs langer verblijven. Zo’n creatieve invulling is weer eens iets nieuws."
It is the education!



Op een gewone collegedag: coachinggesprekken, persoonlijke ontwikkelingsplan-gesprekken, studiebegeleidingsgesprekken, scriptiegesprekken en andere leergesprekken.
Leren, ontwikkelen, inspireren en talentontwikkeling: daar gaat het om.
Per student, per docent, per gesprek, per dag, dag aan dag: hier klopt het warme hart van ONS onderwijs. Het CHN onderwijs!
donderdag, juni 14, 2007
PERSBERICHT Den Haag, 14 juni 2007
Doekle Terpstra: 'Plasterk laat zien dat hij oog heeft voor het hoger beroepsonderwijs'
HBO-raad reageert positief op hoofdlijnen kabinetsbeleid
Minister Plasterk gaat investeren in betere begeleiding van studenten, verhoging van de kwaliteit en vermindering van de uitval. Ook de bestrijding van het lerarentekort, betere arbeidsvoorwaarden voor medewerkers en het creeren van meer mogelijkheden voor excellente studenten krijgen prioriteit. Al deze zaken staan hoog op de agenda van hogescholen. Voorzitter Doekle Terpstra reageert daarom positief: "Met deze plannen laat Plasterk zien dat hij oog heeft voor de urgente problemen waar het hoger beroepsonderwijs mee te kampen heeft. De weg die het kabinet inslaat, geeft vertrouwen in de toekomst. Maar tegelijkertijd schept dit document ook verwachtingen. Pas in september, als het kabinet de strategische agenda voor het hoger onderwijs presenteert, blijkt welke concrete maatregelen Plasterk voor ons in petto heeft."
Tekort hoger opgeleiden
Vorig jaar vroeg de HBO-raad aandacht van de overheid voor het dreigende tekort aan hoger opgeleiden in ons land. De HBO-raad verwacht dat de investeringen in de begeleiding van studenten die het kabinet vandaag aankondigt, een belangrijke bijdrage zullen leveren aan de oplossing van dit probleem. Extra begeleiding is hard nodig om meer allochtone studenten met succes de studie te laten afronden.
Kleinschalig onderwijs
Kleinschalig onderwijs draagt in de ogen van het kabinet bij aan bestrijding van schooluitval. De HBO-raad onderschrijft deze visie. Tegelijkertijd constateert de vereniging van hogescholen dat kleinschalig onderwijs goed mogelijk is binnen onderwijsinstellingen waar meerdere opleidingen onder een dak aangeboden worden.
MARCO VAN DEN ENDE DEAN AT CHN RANGSIT UNIVERSITY THAILAND
In the upcoming week, Marco van den Ende will start in his position as temporary Academic Dean of CHN Rangsit University (CRU) in Bangkok, Thailand. Marco will serve in Thailand for approximately 6 months. In close cooperation with our partner Rangsit University and management and staff of CRU, he will be responsible for the further academic development and professionalization of this Global Campus Site. Next to his activities in Thailand, Marco will still be in charge of the development and set up of CHN Global Campus Site in Chengdu, China, to be opened in September 2008. Marco, I wish you lots of success and pleasure in the upcoming months in Thailand! Laatste 'college' van Ronnie Pieters


Helaas voor ons heeft ons Hoofd Marketing Ronnie Pieters een mooie baan bij het Noorderpoort College aanvaard.
Hier spreekt een groot vakman het CvB voor een van de laatste keren toe!
We zullen zijn gedegen hoorcolleges, grote betrokkenheid en geweldige inzet missen! De CHN was niet geweest wat het nu is zonder de briljante strategische inbreng van Ronnie.
Ronnie: bedankt en succes in je nieuwe job!
Voorlichtingsbijeenkomsten over de voorgenomen fusie met Hogeschool Drenthe


Er was veel belangstelling voor onze voorlichtingsbijeenkomsten over de voorgenomen fusie. De reacties waren in grote meerderheid positief. Collega's denken mee: dank voor alle suggesties en tips! Vanzelfsprekend waren er ook vragen en opmerkingen.
En als verrassing was er op een van de bijeenkomsten verrukkelijke taart!

Ons team uit Emmen heeft een verrukkelijke taart uit Emmen aangeboden. De boodschap is duidelijk: onze C moet een herkenbare plek houden in onze nieuwe hogeschool HD-CHN. Het Emmense team wordt op zijn wenken bediend: de identiteit van onze christelijke Opleiding Leraren Basisonderwijs (ook wel PABO) krijgt een statutaire verankering!
Dank nog voor de taart!
dinsdag, juni 12, 2007
WARUM IN FRIESLAND, WARUM CHN?
Martin Gertler rapporteert:Nina Markgraf, die ihr Fachabitur in Deutschland gemacht hatte und nun seit September 2006 Media und Entertainment Management an der CHN University in Leeuwarden studiert, erz-ahlt im Interview mit studieren-in-holland.de u-ber ihre Eindr-ucke und Motive.
Wie kam es dazu, dass Sie sich fur den Studiengang an der CHN entschieden haben?
Die Uni ist modern und freundlich eingerichtet, dar-uber hinaus waren mir auch die Dozenten und Studenten direkt sympathisch. Nach meiner Ausbildung war mir klar, dass ich nicht im Grafikbereich bleiben mochte, sondern ins Management will. Da ich sowieso an einem Auslandsstudium interessiert war, ging ich nach Leeuwarden.
Wie und wo haben Sie sich uber die Studienmoglichkeit informiert?
Uber das Arbeitsamt und dann -uber viel Eigenrecherche, da mir die Informationen des Arbeitsamt eher wie Standardmassnahmen vorkamen. Schliesslich fand ich uber www.studieren-in-holland.de meinen Wunschstudiengang in Leeuwarden.
Wie haben Sie die verlangten Sprachkenntnisse erworben?
Durch einen niederlandischen Sprachkurs an der CHN und vor allem durch meine hollandischen Mitbewohner und Mitstudenten.
Wie und wo haben Sie sich beworben?
Ich habe per Email Kontakt zur CHN aufgenommen, mir die Uni angeschaut und 2 Tage spater direkt meine Bewerbung eingeschickt.
Falls Sie in die Niederlande umgezogen sind: Wie haben Sie eine Wohnung gefunden?
Zunachst zufallig uber Internet, und nun bin ich noch einmal umgezogen. Dieses neue Zimmer habe ich uber Freunde hier gefunden.
Wie waren Ihre ersten Erfahrungen/Eindrucke (z.B. mit der Sprache, als)?
Es schien mir alles sehr faszinierend, und ich war ziemlich beeindruckt von allem. Dennoch war mir bewusst, dass gerade das Erlernen der Sprache nicht mal eben so stattfindet. Im Prinzip ging es dann doch schneller als gedacht. Nach einigen Wochen habe ich angefangen zu sprechen und zu schreiben, und jetzt kann ich sagen, dass ich fliessend spreche, auch wenn mal hier und da ein Wort fehlt.
Worin sehen Sie die Vorteile Ihres Studiums in den Niederlanden?
Einen grossen Vorteil sehe ich in der Kultur, den Menschen und der Internationalitat die man hier erfahrt. Dazu noch eine neue Sprache zu erlernen, die nicht jeder kann, scheint mir auch durchaus positiv.
Worin sehen Sie die Nachteile eines Studiums in den Niederlanden?
Ich kann mir keine Nachteile vorstellen.
Was empfehlen Sie deutschen Schulabg-angern, die an einem solchen Studiengang interessiert sind?
Einfach einen freien Tag suchen und sich die Uni hier vor Ort anschauen. Man bekommt die ganze Studienumgebung, das Studio fur die Media und Entertainment Studenten etc. gezeigt. Danach hat man die Moglichkeit, sich mit Studenten und Dozenten zu unterhalten und so ein paar Eindr-ucke des Lebens in den Niederlanden sowie vom Unterricht hier zu gewinnen.
Welche positiven und negativen Erfahrungen haben Sie bisher mit dem Studium gemacht?
Insgesamt kann ich sagen, dass meine Erfahrungen hier sehr positiv sind. Naturlich geht mal etwas schief, weil man nicht die gew-unschte Punktzahl erreicht, aber die Betreuung durch die Dozenten und den personlichen Studienbegleiter sind super. Immer gibt es jemanden, an den man sich wenden kann. Auch die niederl-andischen Studenten geben besonders am Anfang sehr viel Hilfestellung, wenn es mit der Sprache noch nicht so richtig klappt.
Was planen Sie fur die Zukunft?
Ich m-ochte gerne nachstes Jahr, wenn alle Module geschafft sind, mein Praktikum in Australien machen. Allerdings finde ich es schon fast schade, dass mein Studium durch meine Vorausbildung verk-urzt ist, da es mir hier wirklich gut gefallt und meine Zeit hier eventuell nachsten Sommer schon um ist, wenn alles gut geht. Was genau danach dann noch kommt, weiss ich nicht. Nat-urlich wurde ich gerne noch ein Masterstudium machen, jedoch ist das noch zwei Jahre hin, und daruber werde ich mir dann nachstes Jahr Gedanken machen.
Wurden Sie den gleichen Weg noch mal gehen?
In jedem Fall, auch kann ich es jedem nur empfehlen, hier in Leeuwarden zu studieren.
zaterdag, juni 09, 2007
Breaking news - CHN en Hogeschool Drenthe kondigen fusie aan.

Vandaag kunnen wij meedelen dat Christelijke Hogeschool Nederland en Hogeschool Drenthe de intentie hebben om per 1 januari 2008 een bestuurlijke fusie aan te gaan.
De complementariteit in het opleidingenaanbod, de overeenkomende internationale strategische ambities en de wenselijkheid om tot schaalversterking te komen om de verdere professionalisering van het onderwijs en de onderwijsondersteuning vorm te geven, waren aanleiding om met elkaar in gesprek te gaan.
Partijen zijn inmiddels de hoofdlijnen van een bestuurlijke fusie overeengekomen.
De huidige les- en vestigingsplaatsen blijven gehandhaafd, waarbij Leeuwarden de hoofdvestiging wordt.
In de komende maanden zal de fusie verder uitgewerkt worden waarbij deze in het najaar ter finale besluitvorming aan de Raden van Toezicht en de Medezeggenschapsorganen zal worden voorgelegd.
We are very pleased to announce the intention to enter a merger with Drenthe University (Hogeschool Drenthe). Drenthe University of Professional Education is located in the northern part of the Netherlands and like CHN, internationally active.
University Drenthe is subdivided into 3 faculties: Education, Management & Business and Technology.
This portfolio combined with the portfolio of CHN (Education, Social Care and Service Management) results in a very promising combination. Furthermore, both CHN and HD have an equally ambitious agenda with respect to the development of education, recognise that education is a matter of personal development and awareness and are willing to create a true cosmopolite University.
Robert Veenstra (presently Chairman Executive Board CHN) will be appointed Chairman of the Executive Board of the new to be formed organisation. Mr. Cees Bijl (presently chairman of the Board of Governors HD) will be the Chairman of the Board of Governors of the new to be formed organisation.
During the following months parties will draft a merger contract that will be presented to internal stakeholders like the Board of Governors and Works Council. We expect this process to be finalised by January 1st 2008.
We will keep you informed on the process.
Kind regards,
Robert Veenstra
Chairman EB CHN
***
Het Dagblad van het Noorden meldt:
Grote fusie noordelijk hoger onderwijs
De Hogeschool Drenthe en de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) in Leeuwarden fuseren per 1 januari volgend jaar. De Hogeschool Drenthe heeft vestigingen in Emmen, Assen en Meppel.
Belangrijke studierichtingen zijn management, logistiek, economie en pedagogiek (pabo). Bij de Hogeschool Drenthe staan circa 2400 studenten ingeschreven. De organisatie telt circa 200 medewerkers.
Voor het personeel van beide scholen verandert er niets, zegt Martin Giesen. Hij is voorzitter van het college van bestuur Hogeschool Drenthe. Sterker, ik verwed mijn huis erom dat er op termijn eerder sprake is van personeelsuitbreiding. Dat heeft te maken met de groei van studenten. Binnen vijf jaar zijn dat er 1000 meer omdat we een palet aan opleidingsmogelijkheden bieden.
De CHN telt 7100 studenten en 500 medewerkers. Die school is internationaal geori-enteerd. Het onderwijsprogramma spitst zich toe op zorg, educatie en servicemanagement.
De huidige les en vestigingsplaatsen blijven gehandhaafd. Leeuwarden geldt na de samensmelting als hoofdvestiging. De Emmer burgemeester Cees Bijl (PvdA) is de beoogd voorzitter van de Raad van Toezicht.
Omroep Fryslan meldt:
Fuzje CHN mei oare hegeskoalle
De CHN yn Ljouwert en de Hegeskoalle Drinte gean tegearre fierder. Beide partijen hawwe de fuzje tongersdei bekendmakke. De nije, grutte skoalle hat 10.000 studinten en 900 personielsleden.
Doel is studinten mear opliedings oanbiede te kinnen. Sa wurde yn Drinte technyk- en ekonomy-opliedings jun. CHN-studinten kinne dat tenei ek dwaan. De f-uzje giet yn yn 2008. Der krije gjin minsken dien.
Robert Veenstra fan de CHN bliuwt bestjoersfoarsitter fan de nije hegeskoalle.



Over Hogeschool Drenthe:
De Hogeschool Drenthe ontleent haar bestaansrecht aan de Drentse samenleving. Voor deze samenleving is het waarborgen en ontwikkelen van het competentiepotentieel op HBO-niveau en van het vernieuwend vermogen van essentieel belang. Vanuit maatschappelijk en sociaal-economisch oogpunt zijn de domeinen Management, Economie, Techniek en Onderwijs of combinaties daarvan belangrijk voor de Drentse samenleving.
De primaire functie van de Hogeschool Drenthe is het opleiden van ondernemende startbekwame beroepsbeoefenaren op HBO-niveau, die in staat zijn een passende functie in de maatschappij te vinden. Zij presteren in die functies uitstekend, dankzij hun algemene en beroepsgerichte competenties.
Naast deze opleidingstrajecten, die gericht zijn op het behalen van titels in de bachelor-mastersystematiek, draagt de hogeschool bij aan de voortgaande competentieontwikkeling van mensen in het kader van een leven lang leren. Dit doet de hogeschool door enerzijds (post)initieel onderwijs en individuele opleidingstrajecten op HBO-niveau te verzorgen voor mensen uit de regio.
Anderzijds verleent de hogeschool onderwijs- en kennisgerelateerde diensten aan bedrijven, (onderwijs)instellingen en overheden in de regio.
Daarnaast wil de Hogeschool Drenthe van betekenis zijn voor groepen buitenlandse studenten die door hun aanwezigheid van invloed zijn op de internationale en interculturele horizonverbreding in de studie.
De Hogeschool Drenthe stimuleert de ontmoeting van en de interactie tussen belanghebbenden van binnen en buiten de hogeschool op basis van multidisciplinaire samenwerking. Vanuit de belangen van de regio heeft de hogeschool ook samenwerkingsverbanden met instellingen buiten de regio (nationaal en internationaal).
Het missiestatement van de Hogeschool Drenthe luidt:
Ontwikkel je talenten in een ondernemende en open hogeschool met oog voor mensen.
woensdag, juni 06, 2007
dinsdag, juni 05, 2007
Plasterk gecharmeerd van HOA
Minister Plasterk komt nog voor de zomer met een gerichte reactie op de gedachte van de vorming van het "interessante voorstel" van een HOA. Hij heeft de Kamer gemeld een geintegreerd onderwijstoezicht - ook verder strekkend dan het hoger onderwijs - na te streven en op korte termijn met voortellen te gaan komen. Onderzoek in het kader van de evaluatie van de wet Onderwijstoezicht maakt dit mogelijk.
Hij zegt daarbij toe dat ik in bovenbedoelde brief ook zal ingaan op het door het ISO uitgebrachte rapport Zuiver op de graad, waarin interessante voorstellen worden gedaan voor verbetering van accreditatie en waarin eveneens argumenten worden aangedragen voor een Hoger Onderwijs Autoriteit.
De minister noemt de volgende overwegingen van belang voor zijn visie terzake:
• het streven naar een optimale inrichting van het toezicht dient naar mijn mening niet beperkt te blijven tot het hoger onderwijs; mijn inzet is gericht op het toezicht in brede zin.
• bij dit onderzoek dienen naar mijn oordeel alle vormen van toezicht en toezichthouders aan de orde te komen; ik wil mij niet beperken tot het toezicht op de kwaliteit van het (hoger) onderwijs
zoals in de motie gesteld. Het gaat bv. ook om het toezicht op de doelmatigheid en rechtmatigheid.
• voor het hoger onderwijs dient nadrukkelijk rekening te worden gehouden met de internationale verplichtingen die wij zijn aangegaan. De samenwerking met Vlaanderen m.b.t. accreditatie is geregeld in het verdrag van 2003. Voorts worden in toenemende mate op Europees niveau eisen gesteld aan de kwaliteitszorg. Tussen de zgn. "Bologna- ministers" gelden afspraken over de externe kwaliteitszorg in het hoger onderwijs; deze zijn onlangs tijdens de bijeenkomst in Londen verder uitgewerkt.
• In het Coalitieakkoord is voor het hoger onderwijs opgenomen dat na overleg met het onderwijsveld een nieuwe geïntegreerde visie voor besturing en bekostiging ontwikkeld zal worden, met aandacht voor kwaliteitsverbetering en de positie van de student. Het toezicht is een afgeleide van de visie op de sturingsconceptie voor het hoger onderwijs.
ScienceGuide
Hij zegt daarbij toe dat ik in bovenbedoelde brief ook zal ingaan op het door het ISO uitgebrachte rapport Zuiver op de graad, waarin interessante voorstellen worden gedaan voor verbetering van accreditatie en waarin eveneens argumenten worden aangedragen voor een Hoger Onderwijs Autoriteit.
De minister noemt de volgende overwegingen van belang voor zijn visie terzake:
• het streven naar een optimale inrichting van het toezicht dient naar mijn mening niet beperkt te blijven tot het hoger onderwijs; mijn inzet is gericht op het toezicht in brede zin.
• bij dit onderzoek dienen naar mijn oordeel alle vormen van toezicht en toezichthouders aan de orde te komen; ik wil mij niet beperken tot het toezicht op de kwaliteit van het (hoger) onderwijs
zoals in de motie gesteld. Het gaat bv. ook om het toezicht op de doelmatigheid en rechtmatigheid.
• voor het hoger onderwijs dient nadrukkelijk rekening te worden gehouden met de internationale verplichtingen die wij zijn aangegaan. De samenwerking met Vlaanderen m.b.t. accreditatie is geregeld in het verdrag van 2003. Voorts worden in toenemende mate op Europees niveau eisen gesteld aan de kwaliteitszorg. Tussen de zgn. "Bologna- ministers" gelden afspraken over de externe kwaliteitszorg in het hoger onderwijs; deze zijn onlangs tijdens de bijeenkomst in Londen verder uitgewerkt.
• In het Coalitieakkoord is voor het hoger onderwijs opgenomen dat na overleg met het onderwijsveld een nieuwe geïntegreerde visie voor besturing en bekostiging ontwikkeld zal worden, met aandacht voor kwaliteitsverbetering en de positie van de student. Het toezicht is een afgeleide van de visie op de sturingsconceptie voor het hoger onderwijs.
ScienceGuide
zaterdag, juni 02, 2007
Installatie Piet van Elswijk als nieuwe lector

Van rechts naar links - Jelma Dekker (hoofd Communicatie CHN), Professor Wil Albeda (voormalig minister van Sociale Zaken in het eerste kabinet Van Agt), Klaas-Wybo van der Hoek (CvB CHN), Piet van Elswijk (lector Economie op mensenmaat CHN) en Robert Veenstra.


Welkomstwoord Robert Veenstra
Geachte aanwezigen. Ik heet u allemaal van harte welkom bij de installatie van Piet van Elswijk als lector Economie op mensenmaat aan de CHN. In het bijzonder heet ik uiteraard Piet van harte welkom, aanwezige familie en uiteraard co-referent Jan van Zijl, voorzitter van de Raad voor Werk en Inkomen en Professor Wil Albeda, voormalig Minister van Sociale Zaken. Ik ben zeer vereerd met jullie aanwezigheid.Ik ben er trots op dat de CHN vandaag haar 7de lector mag installeren. Het HBO kent sinds 2001 door de overheid ondersteunde lectoraten en bijbehorende kenniskringen.
Algemeen doel van deze lectoraten is enerzijds het vergroten van de kwaliteit van het hoger beroepsonderwijs en anderzijds de positie versterken van het HBO als kennisinstituut.
Lectoraten zorgen voor verbetering van de externe oriëntatie, dragen bij aan curriculum vernieuwing, draagt zorg voor professionalisering van docenten en versterkt kenniscirculatie en kenniscreatie.
Inmiddels zijn er ongeveer 300 lectoren werkzaam in de diverse hbo-instellingen in Nederland.
Het Hoger beroepsonderwijs heeft zich ten doel gesteld om 1 lector op 1.100 studenten te organiseren.
En dit doel gaat de CHN met de installatie van Piet ruimschoots halen.
De eerste contacten tussen Piet en de CHN reiken terug naar de tijd waarin mijn geachte en gewaardeerde collega Klaas-Wybo van der Hoek lid was van de Provinciale Staten van Groningen.
In die tijd heb jij, Piet, een experiment uitgevoerd voor de provincie Groningen, genaamd Prohef .
Klaas-Wybo heeft in die tijd het experiment met grote interesse gevolgd .
Enkele jaren later zijn jullie wederom in contact gekomen en dit heeft geleid tot onder andere de oprichting in 2002 van PIN, het Prohef Informatiecentrum Nederland.
Uit deze hernieuwde kennismaking is het idee ontstaan om een lectoraat Economie op mensenmaat in te stellen.
Piet, de methode Economie op Mensenmaat of de Prohef-methode (die je in je installatierede uitgebreid zal toelichten) is niet onomstreden. In 2000 heeft de toenmalige minister van sociale zaken Klaas de Vries in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven dat de invoering van het plan ‘Van Elswijk’ ten principale niet wenselijk was.
Volgens De Vries waren de economische consequenties van het plan te ingrijpend. Daarnaast gaat ‘Het plan Van Elswijk’ volgens de toenmalige minister voorbij aan het feit dat de arbeidsmarkt bestaat uit deelmarkten die verschillend beleid vergen. Het grootste deel van de inactiviteit van mensen is in het onderste segment van de arbeidsmarkt geconcentreerd. Om deze te bestrijden is het niet noodzakelijk dat alle soorten arbeid goedkoper gemaakt worden volgens de Vries.
Kijk je echter naar het experiment in de Provincie Groningen en naar een experiment in stad Rotterdam dan tonen deze aan dat de methode Prohef wel degelijk effectief is.
De uitkomsten van deze experimenten geven aan dat de methode het voor organisaties aantrekkelijk maakt om meer personeel in dienst te nemen en zo de ontwikkeling en groei in positieve zin stimuleren
Zo hebben de experimenten in Groningen en Rotterdam aangetoond dat de werkgelegenheid bij bedrijven die hebben deelgenomen aan het experiment sterker is gestegen dan bij de ‘peer group’ en zijn relatief meer werkelozen aangenomen.
Ook de provincie Friesland heeft zich niet laten weerhouden door de mening van toenmalig Minister De Vries.
De provincie heeft in 2003 onderzoek gedaan naar de introductie van dit model.
Een jaar later leidde de politieke steun tot de samenstelling van een informatieve brochure en de oproep aan gemeenten om invoering van deze methode te overwegen.
De gemeente Bolsward en Ooststellingwerf zijn vervolgens aan de slag gegaan met Prohef.
Ik hoop van harte dat met jou installatie als lector aan de CHN, Piet, een extra stimulans voor Prohef zal worden geven die leidt tot meerdere experimenten wereldwijd en uiteindelijk een brede implementatie van het Prohef gedachtegoed.
Ik noem bewust de wereld omdat dit immers het speelveld van de CHN is en deze wereld in zijn diversiteit en uitdagingen een inspiratiebron kan zijn voor dit lectoraat.
Kijk ik naar de wereldwijde aandacht voor het belasten van arbeid dan zie je in inmiddels een aantal landen zoals Zweden, Duitsland en België al hele goede voorbeelden van het nadenken over jou gedachtegoed.
Met name de huidige discussie in Duitsland over de verschuiving van de sociale lasten naar de BTW is daarin spraakmakend.
Daarnaast zie ik zelf ook grote mogelijkheden in de zogenaamde opkomende landen die dominant aanlopen tegen de kostenstijgingen van arbeid en daarmee de ontwikkelingen van die landen remt.
Piet, ik wil je, vooruitlopend op de formele installatie door Klaas- Wybo, hierbij alvast welkom heten als nieuwe lector bij de CHN. Ik wens je alle succes toe bij de werkzaamheden binnen je lectoraat en hoop dat je in staat zult zijn het bestaande denken te vervangen door een verfrissende en verbeterde kijk op mens en economie.
Installatie door Klaas-Wybo van der Hoek, vice-voorzitter College van Bestuur CHN.
Geachte gasten, geachte mijnheer Van Zijl, geachte prof. Albeda en vanaf zo meteen, geachte Hooggeleerde heer Van Elswijk en zijn familie en vrienden, Beste Piet,
Het is een groot voorrecht Piet van Elswijk officieel te mogen installeren namens het bevoegd gezag, het College van Bestuur, als Lector Economie op Mensenmaat aan de CHN.
Er zijn verschillende belangrijke gewone redenen om een lector te installeren.
Hogescholen hebben de opdracht van de overheid om onder andere via lectoraten de kenniscirculatie te bevorderen. Daarmee leveren wij als hogescholen een bijdrage aan ontwikkeling van de samenleving op culturele, sociale en vooral economische gebieden.
Met lectoraten, vooral via de kenniskringen (groepen docenten die onder leiding van de lector onderzoek doen),geven de hogescholen tegelijkertijd een impuls aan de ontwikkeling van kennis en onderzoek.
Mijn CvB-voorzitter en zeer gewaardeerde collega Robert Veenstra heeft dat net heel goed in onze beleidstaal verwoord.
Voor ons als CHN zijn er naast de gewone redenen ook nog twee typische CHN-motieven om de leerstoel Economie op Mensenmaat in te stellen. Ik wil dat gezien onze bijzondere achtergrond toch nog wel even vanuit mijn inhoudelijke verantwoordelijkheid en rol benadrukken en kort aanstippen.
Wij zijn een organisatie die geloven, maar niet in laat-maar-waaien. Hierin ligt onze eerste beweegreden. Wij behoren tot dat slag organisaties en mensen dat vindt dat er een missie bestaat in en met deze wereld. En wij zijn er ons heel goed van bewust dat wij in onze studenten de managers, de opiniemakers en leiders van morgen opleiden en vormen. Graag willen wij hen meegeven dat economie geen natuurverschijnsel is, maar het resultaat van verhoudingen, opvattingen, gedrag en keuzen. Het belangrijke vak economie kan op de CHN dan ook nooit waardevrij, maar ook nooit fundamentalistisch gegeven worden. Wij willen graag afgestudeerden helpen vormen met een open en internationale -zeg: kosmopolitische- mind. In de toekomst zullen onze afgestudeerden immers de economie doorslaggevend helpen be-invloeden.
Natuurlijk willen en kunnen wij daarbij geen zendeling zijn.
Natuurlijk bezitten wij niet de exclusieve wijsheid, zelfs niet in pacht.
Natuurlijk zullen onze studenten daarin hun eigen weg moeten kiezen.
Maar het doorgeven van de notie aan de toekomstige elite dat economie geen natuurverschijnsel is, zien wij als kernopdracht van dit lectoraat.
Er is nog een tweede motief. Wij zijn als CHN met al onze opleidingen en bedrijven(o.a. ISM, onze Global Campus Sites, leerbedrijven als hotel Restaurant Wyswert)actief in de service industrie (van zakelijke dienstverlening tot zorg). Die activiteiten hebben als belangrijk kenmerk dat de arbeidsproductiviteit niet of nauwekijks op de klassieke wijze met mechanisatie en autiomatisering vergroot kan worden.
Enkele eenvoudige voorbeelden uit onze CHN-praktijk. De bediening in ons Hotel Restaurant zou door een robot vervangen kunnen worden, maar dan halen wij letterlijk en figuurlijk het hart uit de gastvrijheid. Hetzelfde geldt mutatis mutandis voor het hulpgesprek bij onze Sociaal Pedagogische Hulpverleners.
Om juist in onze service industrie zowel de menselijke maat te behouden als de kosten draaglijk te houden zijn nieuwe arrangementen nodig tussen de productiefactoren. Dat geldt voor de westerse landen -daar wees een van de grootste managementgoeroes Peter Drucker eind jaren tachtig van de vorige eeuw al op-, maar nu zeker ook voor de opkomende economie-en in het Midden Oosten, Zuid Afrika, Zuid Oost Azie en Latijns Amerika. Collega Robert wees ook al op het belang voor ons van de internationale dimensie.
U hoort het, de CHN kiest niet voor de gemakkelijke weg. Wij doen dit vanuit onze missie. En de overtuiging dat duurzaamheid het langst duurt.
Dan kom ik nu tot de officiele installatiehandeling met het omhangen van de stola met daarop de uil gespeld als symbool van het lectoraat. Wij hebben niet gekozen voor een gewone uil, maar natuurlijk voor een kerkuil.
Piet van Elsijk hierbij installeer ik jou als lector Economie op Mensenmaat van de CHN. Ik geef je de opdracht van je leerstoel mee en vertrouw erop dat jij via jouw leerstoel de missie van onze hogeschool uitdraagt en helpt vorm te geven.
Hooggeleerde lector Van Elswijk: ik wens je namens ons allen alle inspiratie en succes toe!
Dank u voor de aandacht!
Het Friesch Dablad rapporteert:
Arbeid als topsport moet veranderen
door JOLANDA VAN LEEUWEN
Leeuwarden - Vele handen maken licht werk in de Economie op Mensenmaat van Piet van Elswijk. In deze economie kunnen veel meer mensen aan de slag, zonder te tornen aan ontslagrecht, minimumloon en sociale uitkeringen. Gisteren is Van Elswijk ge-installeerd als lector Economie op Mensenmaat aan de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) in Leeuwarden.
Arbeid is topsport geworden, zegt Van Elswijk. Hij doelt daarmee op de hoge productie die werknemers moeten leveren om voor de werkgever de loonkosten waard te zijn. Deze productiviteitseis zal voor velen te hoog blijven ondanks het nobele streven met re-integratieactiviteiten, denkt Van Elswijk. Dat kan volgens hem anders. In de Economie op Mensenmaat gaan de loonkosten omlaag, terwijl de nettolonen niet veranderen. Vervolgens komen meer mensen aan het werk waardoor er met elkaar meer geproduceerd wordt. Er is dan meer te verdelen en de welvaart neemt toe. En daarbij neemt ook het aantal uitkeringen nog eens af.
Op de vraag waarom het model dan nog niet is ingevoerd, stelt Van Elswijk: Grote veranderingen zijn zelden plotseling opgekomen en direct gemeengoed geworden. Grote veranderingen blijken te bestaan uit een heleboel kleine stapjes. Met het lectoraat aan de CHN, is de Economie op Mensenmaat weer een stapje dichterbij gekomen.
Jan van Zijl, voorzitter van de Raad voor Werk en Inkomen, ziet met de economie op mensenmaat kansen voor banen in de persoonlijke dienstverlening. Werkzaamheden in en om het huis kunnen dan echte banen worden. Van Zijl feliciteerde Van Elswijk en de CHN. De CHN treedt met dit lectoraat in de voorhoede van het denken over sociale zekerheid in Nederland en internationaal, aldus Van Zijl.
De Leeuwarder Courant meldt:
Econoom tamboereert op banen zonder lasten
De Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) installeerde Piet van Elswijk vrijdag tot lector. Daarmee krijgt de spraakmakende econoom een nieuw platform voor zijn plan om arbeid goedkoper te maken door de sociale lasten niet via het loon te heffen maar via een omzetbelasting.
Wie zegt dat er geen problemen meer zijn op de arbeidsmarkt, vindt Van Elswijk op zijn weg. ,,Twee miljoen mensen staan nog steeds aan de kant. Ze zijn ziek, werkloos of zitten de in bijstand. Hoezo, een gezonde economie."
Uitvoering van zijn model cre-eert een miljoen nieuwe banen, betoogde Van Elswijk die economiedocent is aan de Vrije Universiteit. In zijn plan maken de sociale heffingen (onder meer WW, WAO, AOW) geen onderdeel meer uit van de loonkosten. Dat maakt arbeid een stuk goedkoper waardoor werkgevers eerder geneigd zijn personeel in dienst te nemen. Het geld voor de sociale zekerheid wil Van Elswijk binnenhalen door een extra omzetbelasting. ,,Zeg maar een soort sociale btw."
,,Het huidige systeem werkt averechts. Want bij een slechte economie blijven de loonkosten hoog doordat de sociale premies stijgen vanwege de extra WW-uitkeringen. Met als gevolg nog meer werklozen. En als het goed gaat, bulken de fondsen van het geld. Geld waar de overheid niet aan mag komen. Door de sociale zekerheid te financieren via belastingen is dat wel mogelijk en kan Den Haag dit geld benutten voor werkgelegenheidsprogramma's.
Van de CHN krijgt Van Elswijk alle ruimte om zijn model verder te propageren. De school biedt al vanaf 2001 onderdak aan een informatiecentrum waar belangstellenden zich kunnen verdiepen in zijn gedachtegoed. Volgens CHN-voorzitter Robert Veenstra biedt het plan Van Elswijk vooral grote kansen voor de diensteneconomie. ,,En daarin zijn wij sterk vertegenwoordigd."
vrijdag, juni 01, 2007
CHN introduces Study Abroad Programme

Study abroad students can choose from unique minors in the fields of Hospitality, Tourism and International and Retail Business. Each minor is awarded 15 credits.
For whom is Study Abroad?
The study abroad programme is designed for second, third or fourth year students currently enrolled at universities as well as graduates of diploma and Bachelor courses. The Study Abroad Programme enables current students to combine a period of residence abroad with an educational programme. You will gain academic credit towards your degree in your country of origin.
Why study abroad?
The study abroad experience is a perfect way to immerse and integrate in a new culture and get introduced to the well renowned Dutch education system. You will be able to take classes alongside students from all over the world and in the same time gain first hand experience of the famous Dutch problem based learning educational system. Students can choose from unique minors like for example Adventure Tourism, Cruise Management and Real Estate Management or learn the secrets of European Retailing.
The programme
All students will start with an introduction week, introducing them to the learning system (Problem Based Learning) and to the Dutch culture. Our CHN Study Abroad Programmes, for both International students and students from EU member countries, commence twice a year, in the autumn (fall) and spring semesters. Each semester is divided into two periods. Students can select two minors per semester. You can come for one or two semesters. Students choosing to come for two semesters have the opportunity to follow their second semester at campus sites in Qatar, Thailand, South Africa or China.
Autumn semester
Period 1
- Cruise Management
- European Retailing: Key Success Factors
- Humanitarian Hospitality Management 1
- Professional Conference & Events Management 1
- SIFE 1 (students in free enterprise)
- Media & Entertainment: a brand new start
Period 2
- European Retailing: the Retail Arena
- Humanitarian Hospitality Management 2
- SIFE 2 (students in free enterprise)
- Hospitality Care
Spring semester
Period 3
- Cruise Management
- Heritage Tourism
- Entrepreneurship: International Market Orientation
- Humanitarian Hospitality Management 1
- Professional Conference & Events Management 1
- SIFE 1 (students in free enterprise)
- Real Estate Management (30 credits)
Period 4
- Adventure Tourism
- Hospitality Care
- Entrepreneurship: Setting up a company abroad
- Humanitiarian Hospitality Management 2
- SIFE 2 (students in free enterprise)
- Real Estate Management 2
- Music Management
Minors in South Africa and Thailand
Besides the main campus of the CHN in the Netherlands, the CHN also has campuses abroad in Thailand, South Africa, Qatar and China. Students who enroll at the CHN campus Leeuwarden for the full year, can choose a country specific minor in South Africa or Thailand for their second semester.
Campus South Africa
- Wildlife & Lodge Management
- Entrepreneurship
Campus Thailand
- Spa & Health Management
Please refer to www.chn.nl for detailed descriptions.
Study Start Week
There is an introduction before formal teaching begins, which includes reception, registration and orientation. Students are fully integrated into the academic and social life of the CHN. The University has a club for social activities (Hestia) and offers a wide range of sports and recreational facilities.
Tuition fee and costs per semester
Tuition fee 2,500 euro
Accommodation 2,000 euro
Health insurance 250 euro
Residence Permit 430 euro
Personal expenses 2, 000 euro
Application deadlines
September intake: 31 May
February intake: 31 October
Minimum academic requirements
- 2 years education at Bachelor level
- 2.75 cumulative GPA
- 6.0 IELTS or 550 TOEFL
Please refer to www.chn.nl for more details.
Application procedures
For more information and the application form please refer to our website www.chn.nl or contact us at io@chn.nl
Academic calendar 2007/2008
Semester 1: September-January
Semester 2: February-July
Meet our students
Do you want to know what current students think of CHN? Read all about the experiences of students coming from all over of the world on our website www.chn.nl
7 reasons why you should study abroad at CHN University Netherlands:
- Meet students from over 60 different nationalities
- International Curriculum, Study Environment and Student Services
- Affordable Off-Campus Housing
- Modern practice Facilities with 4-star Hotel, 3 Restaurants and Convention Facilities
- Problem Based Learning Education system
- Study counseling and personal coaching during entire study programme
- Social and cultural student club//CHN University Netherlands
Our dream team
Elke dag werk ik samen met vele mensen. Intern en extern. In het buitenland en in Nederland. Onderstaand de direct reports van het College van Bestuur. Met z'n allen werken we aan het succes van de CHN. Elke dag weer een stapje voorwaarts. We zijn er nog niet maar we kunnen trots zijn op de resultaten tot nu toe. Iedereen bedankt voor zijn of haar inzet en de inspirerende samenwerking.
CHN Grand Tour Best Practice/Prijs voor CHN Grand Tour.
Congratulations to everyone involved in our unique Grand Tour concept!
The CHN Grand Tour concept was elected as Good Practice for the Internationalization in Professional Education Programme of the EVD international enterprise and co-operation. For this Good Practice the CHN will receive Euro 75.000 to invest in further developments of the Grand Tour Concept.
The EVD (in Dutch: 'Economische Voorlichtings Dienst') is, as an agency of the Ministry of Economic Affairs the Dutch governmental executive organization for the funding and promotion of international enterprise and international co-operation. The Internationalization in Professional Education Programme aims to equip students and lecturers of educational institutes for vocational and higher education with more international know-how through real international experiences in the course of their studies. To qualify as a Good Practice the project needs contribute to the promotion and development of business abroad. Fifty colleges of higher education submitted projects, fifteen of which were nominated.
The CHN Grand Tour concept allows students to study at one of the CHN sites abroad for the duration of a module or semester. This model aims to offer the CHN educational programmes at the various CHN campus sites in Qatar (Doha), South-Africa (Port Alfred), Thailand (Bangkok) and from September 2008 in China (Chengdu).
The EVD elected the CHN project because the CHN is the only university of professional education in The Netherlands with its own campus sites abroad and thus contributes to the local economy and employment. The EVD considers the CHN to be a good example for other universities of professional education.

CHN-s Grand Tour verkozen tot Good Practice.
Het Grand Tour-concept van de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) is verkozen tot Good Practice voor het Programma Internationalisering Beroepsonderwijs van EVD internationaal ondernemen en samenwerken. De CHN krijgt voor deze Good Practice een bedrag van 75.000,- euro om te investeren in de verdere ontwikkeling van het Grand Tour concept.
De EVD is als agentschap van het Ministerie van Economische Zaken de uitvoeringsorganisatie van de rijksoverheid voor het faciliteren en het stimuleren van internationaal ondernemen en internationale samenwerking. Het Programma Internationalisering Beroepsonderwijs heeft als doelstelling studenten en de docenten van MBO- en HBO-instellingen meer internationale bagage mee te geven door concrete internationale ervaringen tijdens de studie. Om in aanmerking te komen als Good Practice dient het project te voldoen aan het criterium dat het project bijdraagt aan stimulering en ontwikkeling van het bedrijfsleven in het buitenland. 50 hogescholen hebben een of meer projecten ingediend waarvan 15 zijn genomineerd.
Het Grand Tour-concept van de CHN biedt studenten de mogelijkheid om modulen of een semester in het buitenland te studeren aan een van de vestigingen van de CHN in het buitenland. Doel van dit model is het aanbieden van CHN-opleidingen in diverse buitenlandse regio-s via eigen campus sites in Qatar (Doha), Zuid-Afrika (Port Alfred), Thailand (Bangkok) en vanaf september 2008 in China (Chengdu).
De EVD heeft voor het project van de CHN gekozen omdat de CHN de enige hogeschool in Nederland is met eigen campus sites in het buitenland en daarmee dus een bijdrage levert aan de economie en werkgelegenheid aldaar. Het EVD vindt daarmee dat CHN een voorbeeld is voor andere hogescholen.
The CHN Grand Tour concept was elected as Good Practice for the Internationalization in Professional Education Programme of the EVD international enterprise and co-operation. For this Good Practice the CHN will receive Euro 75.000 to invest in further developments of the Grand Tour Concept.
The EVD (in Dutch: 'Economische Voorlichtings Dienst') is, as an agency of the Ministry of Economic Affairs the Dutch governmental executive organization for the funding and promotion of international enterprise and international co-operation. The Internationalization in Professional Education Programme aims to equip students and lecturers of educational institutes for vocational and higher education with more international know-how through real international experiences in the course of their studies. To qualify as a Good Practice the project needs contribute to the promotion and development of business abroad. Fifty colleges of higher education submitted projects, fifteen of which were nominated.
The CHN Grand Tour concept allows students to study at one of the CHN sites abroad for the duration of a module or semester. This model aims to offer the CHN educational programmes at the various CHN campus sites in Qatar (Doha), South-Africa (Port Alfred), Thailand (Bangkok) and from September 2008 in China (Chengdu).
The EVD elected the CHN project because the CHN is the only university of professional education in The Netherlands with its own campus sites abroad and thus contributes to the local economy and employment. The EVD considers the CHN to be a good example for other universities of professional education.

CHN-s Grand Tour verkozen tot Good Practice.
Het Grand Tour-concept van de Christelijke Hogeschool Nederland (CHN) is verkozen tot Good Practice voor het Programma Internationalisering Beroepsonderwijs van EVD internationaal ondernemen en samenwerken. De CHN krijgt voor deze Good Practice een bedrag van 75.000,- euro om te investeren in de verdere ontwikkeling van het Grand Tour concept.
De EVD is als agentschap van het Ministerie van Economische Zaken de uitvoeringsorganisatie van de rijksoverheid voor het faciliteren en het stimuleren van internationaal ondernemen en internationale samenwerking. Het Programma Internationalisering Beroepsonderwijs heeft als doelstelling studenten en de docenten van MBO- en HBO-instellingen meer internationale bagage mee te geven door concrete internationale ervaringen tijdens de studie. Om in aanmerking te komen als Good Practice dient het project te voldoen aan het criterium dat het project bijdraagt aan stimulering en ontwikkeling van het bedrijfsleven in het buitenland. 50 hogescholen hebben een of meer projecten ingediend waarvan 15 zijn genomineerd.
Het Grand Tour-concept van de CHN biedt studenten de mogelijkheid om modulen of een semester in het buitenland te studeren aan een van de vestigingen van de CHN in het buitenland. Doel van dit model is het aanbieden van CHN-opleidingen in diverse buitenlandse regio-s via eigen campus sites in Qatar (Doha), Zuid-Afrika (Port Alfred), Thailand (Bangkok) en vanaf september 2008 in China (Chengdu).
De EVD heeft voor het project van de CHN gekozen omdat de CHN de enige hogeschool in Nederland is met eigen campus sites in het buitenland en daarmee dus een bijdrage levert aan de economie en werkgelegenheid aldaar. Het EVD vindt daarmee dat CHN een voorbeeld is voor andere hogescholen.






























